Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000

Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA9971.

3.5 Voor zover [eiser] c.s. stellen dat onvoldoende mogelijkheid tot minnelijke verwerving bestond, merk ik op dat zij in cassatie niet meer aanvoeren dat de Gemeente niet (voldoende) heeft geprobeerd het perceel bij minnelijke overeenkomst te verkrijgen (art. 17 Ow). Kennelijk hebben zij dit verweer laten vallen. Dat de Staat wellicht weinig zin had in rechtreekse onderhandelingen met [eiser] c.s., doet slechts ter zake indien zulks onbehoorlijk bestuur zou opleveren, leidende tot onrechtmatigheid in civielrechtelijke zin. De Staat was in elk geval niet verplicht om in plaats van de Gemeente met [eiser] c.s. te onderhandelen. Overigens hebben [eiser] c.s. niets concreets aangevoerd, met name niet een onderhandelverbod of een andere jegens [eiser] onbehoorlijke afspraak tussen Gemeente en Staat die - of ander onbehoorlijk overheidshandelen dat - de (wijze van) onteigening jegens [eiser] c.s. onrechtmatig zou maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7d65d5da750b75979f5804dded994ff8958df42ceb3ba9fe2747e98872ec0f86. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7d65d5da750b75979f5804dded994ff8958df42ceb3ba9fe2747e98872ec0f86, en de alinea staat in dat document op bytes 33046 tot 33988.