Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2001
Alinea 87 Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AA9310.
"(...) Tot slot nog een kleine academische bespiegeling. Zonder de passages in de wetsgeschiedenis zou gezien de tekst van de wet de rechter naar ik meen zeker onmiddellijke werking hebben verleend aan het keuringsverbod van art. 4 lid 3. Dat zou natuurlijk onrechtvaardig geweest zijn ten opzichte van verzekeraars met lopende contracten, die bij de premiestelling met de mogelijkheid tot keuren rekening hadden gehouden. Dat had dan ondervangen kunnen worden door het leerstuk van de onvoorziene omstandigheden of dat van de redelijkheid en billijkheid. Wellicht was dat (wèl direct na 1 januari 1998 een keuringsverbod over de hele linie, met bijstelling van de premie voor lopende contracten) een betere oplossing geweest. De parlementaire geschiedenis wees de rechter een andere weg, bevredigend voor de verzekeraar, minder voor de nieuwe werknemer."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4eca2a6e2a5213871820a2b2066e931a8c04debccdfb031c7b4bd8f485e5db7f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4eca2a6e2a5213871820a2b2066e931a8c04debccdfb031c7b4bd8f485e5db7f, en de alinea staat in dat document op bytes 41985 tot 42854.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4eca2a6e2a5213871820a2b2066e931a8c04debccdfb031c7b4bd8f485e5db7f | shasum -a 256