Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2001

Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AA9665.

2.3. In cassatie kan ervan worden uitgegaan dat de RDW tegenover de kentekenhouders niet onrechtmatig heeft gehandeld door het besluit tot omzetting van het kentekenbewijs van hun auto, nu voor hen een bezwaar- en beroepsmogelijkheid open stond die zij niet hebben benut(15). De gevolgtrekking dat, als de RDW geacht moet worden niet onrechtmatig te hebben gehandeld jegens de kentekenhouders, hij ook niet onrechtmatig kan hebben gehandeld jegens [verweerster], lijkt mij echter onjuist. De ingeroepen norm van art. 30 (oud) EG-Verdrag strekt, althans voor zover hier van belang, ter bescherming van de parallelimporteur. Nu in cassatie aangenomen moet worden dat de RDW deze norm heeft overtreden, heeft hij in dit opzicht onrechtmatig jegens [verweerster] gehandeld en is de DW gehouden de hierdoor teweeggebrachte schade aan [verweerster] te vergoeden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25e5fa4d0fc5cbee68b80d08ad41766e1744669b49c0b3b86990025d58a7d1a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25e5fa4d0fc5cbee68b80d08ad41766e1744669b49c0b3b86990025d58a7d1a1, en de alinea staat in dat document op bytes 16060 tot 16929.