Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2001

Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AA9665.

2.17. Uitgangspunt kan zijn dat de formele rechtskracht van de besluiten niet kan worden ingeroepen tegen [verweerster], omdat de bestuursrechtelijke bezwaar- en beroepsmogelijkheid niet voor [verweerster] openstond(22). De klachten miskennen n.m.m. de inzet van de vordering. De inzet is niet dat [verweerster] langs een omweg een schadevergoeding vordert die de kentekenhouders zelf niet van de DW hadden kunnen verkrijgen. Het gaat erom dat [verweerster] zelf, door het onrechtmatig handelen van de RDW, ernstige bedrijfsschade dreigde te lijden en dat zij schadebeperkend meende op te treden door snel uitkeringen aan haar afnemers te doen. Het gaat dus om eigen schade van [verweerster]. Het hof heeft met zijn redenering noch het beginsel van de formele rechtskracht noch de taakverdeling tussen burgerlijke rechter en bestuursrechter miskend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25e5fa4d0fc5cbee68b80d08ad41766e1744669b49c0b3b86990025d58a7d1a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25e5fa4d0fc5cbee68b80d08ad41766e1744669b49c0b3b86990025d58a7d1a1, en de alinea staat in dat document op bytes 29877 tot 30739.