Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2001

Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AA9813.

16. Tussen streng straffen en ontslaan van alle rechtsvervolging in liggen andere mogelijkheden om recht te doen aan een zekere psychische deraillering van de verdachte. Mij valt in deze zaak op dat de verdediging in beide feitelijke instanties heeft volstaan met het bepleiten - op grond van buitengewoon summiere gegevens - van de uiterste consequentie die in het strafproces aan een stoornis van de geestvermogens kan worden verbonden, maar dat pogingen of verzoeken ter terechtzitting teneinde de rechter beter voor te lichten omtrent de persoon van de verdachte, of om de straftoemeting meer toe te snijden op speciale preventie, klaarblijkelijk achterwege zijn gebleven. Dat valt temeer op omdat verzoeker, door in beide instanties te verschijnen, heeft laten zien belang te hechten aan de uitkomst van deze zaak. Ik besef dat een raadsman (tot zijn spijt) kan ervaren dat het overleg met zijn cliënt oplevert dat de verdedigingsmogelijkheden beperkt zijn. Desalniettemin lijkt het mij ook vanuit dit licht bezien minder juist dat het Hof nu een verwijt wordt gemaakt betreffende de verwerping van het enige, nauwelijks onderbouwde, verweer dat is gevoerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96aa0998659dc0d42e8e7315457b2ca178801bc40d85f5058b8f6a68f6e8e0ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96aa0998659dc0d42e8e7315457b2ca178801bc40d85f5058b8f6a68f6e8e0ea, en de alinea staat in dat document op bytes 19173 tot 20350.