Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2001

Alinea 70 Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AA9813.

22. Met betrekking tot het dwingende karakter van een verkort proces-verbaal der terechtzitting ten opzichte van het uitgewerkte proces-verbaal, indien zich daartussen een verschil voordoet, verdient opmerking dat in het algemeen gesproken niet (langer) wordt aangenomen dat mededelingen in een proces-verbaal der terechtzitting onder alle omstandigheden onweerlegbaar juist zijn. Indien in voldoende mate komt vast te staan dat daarin een omissie of een misslag voorkomt (bijvoorbeeld door mededelingen van degenen die het proces-verbaal opstelden) kan van de tekst van het proces-verbaal worden afgeweken. Die situatie deed zich voor in het in het middel genoemde HR NJ 1998, 629. De daartoe genomen conclusie heeft niet de strekking, zoals in het middel wordt gesuggereerd, dat zo een proces-verbaal onder alle omstandigheden voor juist moet worden gehouden (“wil het proces-verbaal niet (ver)worden tot een geschrift dat naar believen kan worden gewijzigd”). Daarin is betoogd dat van de inhoud van een proces-verbaal alleen zal kunnen worden afgeweken indien ter correctie aangedragen gegevens in voldoende mate kunnen worden bevestigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96aa0998659dc0d42e8e7315457b2ca178801bc40d85f5058b8f6a68f6e8e0ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96aa0998659dc0d42e8e7315457b2ca178801bc40d85f5058b8f6a68f6e8e0ea, en de alinea staat in dat document op bytes 24601 tot 25759.