Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2001
Alinea 92 Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0157.
6.1. Gezien de toelichting berust middel 3 op het uitgangspunt dat het Hof heeft aangenomen dat belanghebbende en de Inspecteur bij de totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst beiden hebben gedwaald met betrekking tot de ICCC en de IF. Daarbij wordt het begrip dwaling gebezigd in de zin van art. 6 : 228 BW. Dat het Hof tot de conclusie is gekomen dat sprake is van (wederzijdse) dwaling, acht het middel onjuist en onbegrijpelijk. Het stelt dat belanghebbende dwaling niet mag worden tegengeworpen. Deze algemene klacht wordt vervolgens uitgewerkt in een drietal onderdelen van het middel, aangeduid met de letters a t/m c.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9b980ef64c8701bca8e0b616015158f5d8e861cf594b45c13726cc7d51545f70. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9b980ef64c8701bca8e0b616015158f5d8e861cf594b45c13726cc7d51545f70, en de alinea staat in dat document op bytes 28701 tot 29346.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9b980ef64c8701bca8e0b616015158f5d8e861cf594b45c13726cc7d51545f70 | shasum -a 256