Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2001

Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0264.

2. De dagaanzegging is niet juist uitgereikt. De akte van uitreiking houdt in dat de aanzegging op 3 augustus 2000 is aangeboden op een adres in [plaats A] waar verzoeker volgens mededeling van degene die zich op dat adres bevond, niet woont of verblijft. Vervolgens is via de gemeente [plaats A] op 23 augustus 2000 een adres op Curaçao bekend geworden. Op dezelfde dag is de aanzegging volgens de akte van uitreiking als gewone brief verzonden naar het aan ommezijde vermelde adres van de geadresseerde in het buitenland omdat van de geadresseerde geen woon- of verblijfplaats in Nederland bekend is. Aangezien "aan ommezijde" alleen het achterhaalde adres in [plaats A] vermeld staat, is niet duidelijk naar welk adres de dagaanzegging is verzonden. Nu op geen enkele andere wijze blijkt dat verzoeker de dagaanzegging heeft ontvangen, kan de slotsom geen andere zijn dan dat onvoldoende vaststaat dat deze aan de verzoeker is uitgereikt. De zaak moet derhalve van de rol worden gevoerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/371c0557fb973db26540fe56552f177e18301bc8bb100c91c948bc2c77fc3580. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 371c0557fb973db26540fe56552f177e18301bc8bb100c91c948bc2c77fc3580, en de alinea staat in dat document op bytes 4576 tot 5581.