Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001

Alinea 80 Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0286.

5.4. Uit een en ander blijkt mijns inziens dat de bijzondere werking van de aanwijsregels van de Verordening slechts dient tot (a) exclusieve aanwijzing van één stelsel (exclusieve werking) en (b) voorkoming dat personen die onder art. 2 Vo. vallen, buiten de boot van het aangewezen stelsel vallen als gevolg van een internrechtelijk woonplaatsvereiste (of een ander met tekst, doel of strekking van de Vo. strijdig internrechtelijk vereiste) ("sterke werking"). Het woordgebruik in Kits van Heijningen (zie de boven gecursiveerde passages: "bescherming" (r.o. 12); "niet kan worden tegengeworpen" (r.o. 22)) geeft voorts aan dat het bij de "sterke werking" om niet meer dan een rechtsbeschermingsfunctie gaat. Het in het leven roepen van de bij die rechten behorende verplichtingen zullen de Lidstaten zelf moeten doen; daarover gaat de Verordening niet. Ik meen daarom dat het arrest BNB 1997/310, ondanks de daarop geuite kritiek, correct was. Maar het had aanbeveling verdiend, mede gezien de omstandigheid dat weinigen op uw oordeel rekenden, om dat arrest (uitgebreider) te motiveren, dan wel prejudiciële vragen te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bdd2616db091eceaa107969e76bb111f426cf7acb66fae6f207ea4e88f063be1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bdd2616db091eceaa107969e76bb111f426cf7acb66fae6f207ea4e88f063be1, en de alinea staat in dat document op bytes 42143 tot 43290.