Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001

Alinea 90 Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0286.

6.1. De Verduidelijkingswet was naar mijn mening, gezien het bovenstaande, geen verduidelijking van geldend recht, maar een maatregel met vergaande terugwerkende kracht, omdat mijns inziens de bijzondere werking van de aanwijsregels van Vo. 1408/71 niet meebrengt dat een Vo.-aanwijzeling automatisch premieplichtig is als daarvoor internrechtelijk geen wettelijke grondslag bestaat. De juistheid van deze mening is echter niet evident. Daarom had u mijns inziens - althans volgens de richtlijnen voor prejudiciële verwijzing die het HvJ EG in het CILFIT-arrest(17) heeft gegeven - de zaak BNB 1997/310 beter kunnen verwijzen voor een prejudiciële beslissing door het HvJ EG.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bdd2616db091eceaa107969e76bb111f426cf7acb66fae6f207ea4e88f063be1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bdd2616db091eceaa107969e76bb111f426cf7acb66fae6f207ea4e88f063be1, en de alinea staat in dat document op bytes 46644 tot 47335.