Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001
Alinea 135 Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0296.
8.4. Belanghebbendes beroepen op het IVBPR en het EVRM voegen vermoedelijk niets aan elkaar toe (de reikwijdte van de aangeroepen bepalingen is - althans voor belanghebbendes geval - vermoedelijk identiek). Het relevante vergelijkingscriterium is de (ratio voor) onderwerping van een vennootschap aan inhoudingsplicht voor de Nederlandse dividendbelasting. Het lijkt niet voor twijfel vatbaar dat de belanghebbende op grond van haar nationaliteit op dat punt anders wordt behandeld dan een niet-Nederlandsrechtelijk opgerichte vennootschap in overigens dezelfde omstandigheden. Art. 1, lid 3, Divb. knoopt immers juist uitsluitend aan bij het oprichtingsrecht (de nationaliteit) van de belanghebbende. Een niet-Nederlandsrechtelijke rechtspersoon die evenals de belanghebbende feitelijk niet in Nederland is gevestigd, blijft van inhoudingsplicht verschoond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c, en de alinea staat in dat document op bytes 68571 tot 69443.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c | shasum -a 256