Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001

Alinea 156 Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0296.

8.19. Ik geef u daarom in overweging om belanghebbendes beroep op de door haar genoemde discriminatieverboden niet te honoreren (dus de uitspraken van het Hof te vernietigen) onder de vaststelling dat art. 1, lid 3, Divb. niet te rechtvaardigen discriminatoire effecten heeft die door de wetgever weggenomen moeten worden. U zou kunnen overwegen ook opmerkingen te maken over de consequenties die dit oordeel over art. 1, lid 3, Divb. zou kunnen hebben voor de verenigbaarheid van die andere vestigingsplaatsfictie, die van art. 2, lid 4, Wet Vpb., met art. 26 IVBPR. Over het verschil tussen de twee ficties heb ik hierboven (8.6) enige opmerkingen gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c, en de alinea staat in dat document op bytes 93342 tot 94013.