Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001
Alinea 159 Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0296.
8.22. Er is nog een derde beleidslijn mogelijk, die een breuk met het verleden en het heden zou betekenen. Rechtsherstel kan mijns inziens ook geboden worden door schadevergoeding. De bevoegdheid daartoe kwam tot voor kort niet aan de belastingrechter toe, althans niet naar intern Nederlands recht. Of een dergelijke bevoegdheid rechtstreeks op art. 2, lid 3, IVBPR gebaseerd kon worden onder Nederlands constitutioneel recht is minst genomen onzeker. Sinds 1 september 1999 heeft u deze bevoegdheid wel (art. 8:73 Awb). Het is nu denkbaar dat u in de recente verwerving van deze bevoegdheid aanleiding zult vinden om uw doorbraakarresten (doorbraak van buitenwettelijk recht: toepassing van het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel contra legem)(27) opnieuw te doordenken. De toen ingezette rechterlijke beleidslijn houdt in dat de beginselen dat het bestuur woord houdt en gelijke gevallen gelijk behandelt, afgewogen worden tegen het beginsel dat de wet moet worden toegepast en dat in voorkomend geval de wet moet wijken. Dat leidt er soms toe dat een aanslag ter zake van wettelijk verschuldigde belasting vernietigd of verminderd wordt zonder dat de belanghebbende schade had anders dan dat hij de door hem verschuldigde belasting moet betalen. Slechts indien het gaat om een inlichting (en niet om een toezegging), eist u dispositieschade. Bij een toezegging en bij begunstigend beleid contra legem wordt niet bekeken of de belanghebbende wel schade lijdt buiten het moeten betalen van wettelijk verschuldigde belasting. Dat is onbevredigend. Het is wel verklaarbaar in zoverre de toepassing van beginselen van behoorlijk bestuur contra legem gezien moet worden als het antwoord van de (belasting) rechter op het ontbreken van een bevoegdheid tot toekenning van schadevergoeding. Door dat ontbreken was de (belasting)rechter gedwongen om in een geschil dat zich concentreert op de juistheid van een beschikking (de aanslag) die beschikking ofwel te handhaven ofwel te vernietigen. Bij schending van materiële beginselen als het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel vernietigt u de aanslag in beginsel, bij schending van formele beginslen zoals het zorgvuldigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel handhaaft u de aanslag in beginsel(28) (zij het dat u voor schadevergoeding soms - al dan niet expliciet - verwijst naar de burgerlijke rechter), hetgeen evenzeer onbevredigend is. Voor nuanceringen als handhaving onder toekenning van maatwerk-schadevergoeding voor onbehoorlijk bestuur bestond geen aanknopingspunt. Het was met die beginselen van behoorlijk bestuur dus alles of niets. Ook als er wèl dispositieschade was: indien een belanghebbende op basis van een onjuiste inlichting van de fiscus iets doet of nalaat waardoor hij in een nadeliger positie geraakt dan hij zonder het afgaan op die inlichting had verkeerd, wordt niet zijn concrete schade door het vertrouwen op die onjuiste inlichting vergoed, maar wordt de aanslag vernietigd en verminderd alsof de onjuiste inlichting juist was. Dat leidt tot een belastingvoordeel voor de belanghebbende dat in omvang niets te maken hoeft te hebben met de feitelijk door hem geleden dispositieschade. Ook dat is onbevredigend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c, en de alinea staat in dat document op bytes 96337 tot 99561.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3bb560ef7fa4951e027f116d31f34fa953266e2f77533966067f2e3c154d874c | shasum -a 256