Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0377.
Protocollen worden, evenals richtlijnen, beschouwd als een belangrijk hulpmiddel bij de beantwoording van de vraag of een arts zich als goed hulpverlener heeft gedragen. Daarbij - dat zij het middel toegegeven - wordt onderscheid gemaakt tussen protocollen die uitsluitend "instellingsgebonden" zijn en slechts berusten op een in de instelling bestaande "medische consensus" en protocollen die op een brede medische consensus binnen de beroepsgroep kunnen bogen en die aldus deel uitmaken van de professionele standaard en kenbaar zijn als normen voor goed medisch handelen. In de vakliteratuur - ook dat zij het middel toegegeven - wordt benadrukt dat er voor de arts ruimte moet zijn om van een protocol, ook van een op brede "medische consensus" berustend protocol, af te wijken wanneer de arts dit in het belang van een goede patiëntenzorg noodzakelijk oordeelt. (Zie F.C.B. van Wijmen, Richtlijnen voor verantwoorde zorg, preadvies voor de Vereniging voor Gezondheidsrecht 2000, p. 69, 85 e.v., 93-95, 111-113; P.P.M. van Reijsen, Medisch-professionele autonomie en gezondheidsrecht (1999), m.n. p. 30/31 en 243; C.J.J.M. Stolker, Nederlandse toestanden? Medische aansprakelijkheid en de Wet geneeskundige behandelingsovereenkomst, Verkeersrecht 1996 p. 3; J. Legemaate, in: De Wgbo: van tekst naar toepassing, red. J. Legemaate (3e druk, 1998) p. 18-21; H.J.J. Leenen, Handboek Gezondheidsrecht deel II (1996) p. 18/19 en 35.) Daarbij gaat het evenwel steeds om een "gemotiveerde" afwijking en niet om een eenvoudigweg "vergeten" waardoor, zoals in casu, de afwijking indruist tegen hetgeen de arts zelf als noodzakelijke behandeling beschouwde. Deze door een domweg "vergeten" ingegeven afwijking heeft het Hof terecht gekwalificeerd als een handelen in strijd met de zorgvuldigheid die van een goed hulpverlener (van een redelijk bekwaam en redelijk handelend arts) mag worden verwacht in aanmerking genomen dat het protocol ook extern ten doel heeft inhoud te geven aan hetgeen de patiënt in zijn rechtsverhouding tot het ziekenhuis en arts mag verwachten. Omdat het in casu ging om een eenvoudig "vergeten" en niet om een gemotiveerde afwijking van het protocol, kon het Hof in het midden laten of in de beroepsgroep "medische consensus" met betrekking tot het in het geding zijnde protocol (het toedienen van antistollingsmiddelen) bestaat, een kwestie die wél aan de orde komt indien doelbewust van een protocol is afgeweken op de grond dat in de beroepsgroep verschil van inzicht bestaat omtrent de in het protocol voorgeschreven behandeling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4467e47591cd3a13589fa81b2c1cff9323dc6119d026454a732b1ab3f6b45a24. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4467e47591cd3a13589fa81b2c1cff9323dc6119d026454a732b1ab3f6b45a24, en de alinea staat in dat document op bytes 19433 tot 22004.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4467e47591cd3a13589fa81b2c1cff9323dc6119d026454a732b1ab3f6b45a24 | shasum -a 256