Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0380.

21. In de literatuur bestaat geen eenstemmigheid. Voor exclusieve werking van art. 16 EEX, ook ten opzichte van art. 24 EEX, spreken zich o.a. uit S. O'Malley & A. Layton, European Civil Practice, 1989, blz. 652 (nr. 24.08); O. Merkt, Les mesures provisoires en droit international privé, 1992, blz. 120/121; L. Palsson, Interim Relief under the Brussels and Lugano Conventions, in: Kurt Siehr-bundel, 2000, blz. 621 e.v., blz. 630; en wellicht Vlas, a.w., blz. 98 ("Art. 16 EEX/EVEX zet alle andere bepalingen van het EEX/EVEX opzij"). Anders Geimer/Schütze, a.w., blz. 251, en J.H. Blaauw, NJB 1997, blz. 1274, in een kritische reactie op Hof 's-Gravenhage, 17 april 1997, KG 1997, 177, waarin werd beslist dat art. 24 EEX moet wijken voor art. 16 lid 5 EEX.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6df608399ae11a3e8401845bc8574f123adb494f4467f7d811bf32006228bcea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6df608399ae11a3e8401845bc8574f123adb494f4467f7d811bf32006228bcea, en de alinea staat in dat document op bytes 25097 tot 25877.