Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001

Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0382.

2.14 Er is vrij veel lagere rechtspraak over de waardebepaling van een agrarisch bedrijf in het kader van een boedelscheiding tussen ex-echtelieden. Daarover is enkele malen gepubliceerd door A.N. Labohm.(25) Uit de door hem aangehaalde rechtspraak valt af te leiden dat het belang van de continuïteit van de onderneming zwaar kan meewegen en ten gevolge kan hebben dat een waardering plaatsvindt aan de hand van de zogenaamde "agrarische waarde", d.w.z. een zodanige waarde dat een lonende exploitatie van het bedrijf nog tot de mogelijkheden behoort. Deze maatstaf leidt over het algemeen tot verrekening van betrekkelijk lage bedragen, hetgeen in de praktijk nogal eens wordt gecompenseerd door daaraan de voorwaarde te verbinden dat, als de man binnen een door de rechter te bepalen periode overgaat tot verkoop of liquidatie van de onderneming, hij (een gedeelte van) de overwinst met de vrouw moet delen.(26)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d944df858bbf0f4d5b76a393698642f14044f1454bfcd8d27d3f94fac2b60d46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d944df858bbf0f4d5b76a393698642f14044f1454bfcd8d27d3f94fac2b60d46, en de alinea staat in dat document op bytes 22653 tot 23581.