Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001

Alinea 70 Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0382.

3.6 Aan het slot van het onderdeel kan mede de klacht worden gelezen dat het onbegrijpelijk is dat het hof onder deze omstandigheden niet heeft beslist dat de man de overwinst die hij eventueel zal realiseren tegen de tijd dat hij tot verkoop en/of liquidatie van zijn bedrijf overgaat, met de vrouw moet delen. Zoals gezien onder 2.14 van deze conclusie, is een dergelijk compromis (enerzijds de keuze van een zodanige waarderingsmaatstaf, dat het bedrijf voorlopig kan worden voortgezet, anderzijds het opleggen van een plicht tot verrekening van naderhand gerealiseerde overwaarde) in de agrarische wereld niet ongebruikelijk. Naar mijn mening is er in zoverre geen ter zake dienend onderscheid te maken tussen een agrarisch bedrijf en een vissersbedrijf.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d944df858bbf0f4d5b76a393698642f14044f1454bfcd8d27d3f94fac2b60d46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d944df858bbf0f4d5b76a393698642f14044f1454bfcd8d27d3f94fac2b60d46, en de alinea staat in dat document op bytes 28123 tot 28895.