Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2001

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0439.

3.6. Ik kom tot de bespreking van het middel. Voorzover de steller van het middel meent dat het hof "zonder nadere motivering" voor het bewijs gebruik heeft gemaakt van een aantal getuigenverklaringen, "waarvan de betrouwbaarheid gemotiveerd is betwist", mist het middel - op twee cruciale punten - feitelijke grondslag. Uit hetgeen hiervoor onder 3.5 is weergegeven volgt namelijk ten eerste dat het hof uitdrukkelijk wel degelijk nader heeft gemotiveerd waarom het - klaarblijkelijk met het oog op de ter zitting door de raadsman betwiste getuigenverklaringen - die verklaringen redengevend en geloofwaardig acht en ook waarom het hof de overtuiging heeft gekregen dat verzoeker het hem tenlastegelegde heeft begaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a397e28a3bb17e0a1dcfccd266ef8b2750099abf56fc74ab16a903e247a76f68. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a397e28a3bb17e0a1dcfccd266ef8b2750099abf56fc74ab16a903e247a76f68, en de alinea staat in dat document op bytes 13997 tot 14729.