Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2001

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0494.

12. Uit het vorenoverwogene volgt dat het hof in de onderhavige zaak blijk heeft gegeven van een te beperkte en dus onjuiste rechtsopvatting van art. 10a Opiumwet door te oordelen dat geen sprake is van de voorbereiding (etc.) van de invoeren van heroïne (etc.) indien de heroïne waarop die handelingen gericht waren ten tijde van het verrichten van die handelingen reeds inbeslaggenomen was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c708bd2b7ad664514a2e9c1ff101dba0dee9d6c6991fdd39d680c920d4853c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c708bd2b7ad664514a2e9c1ff101dba0dee9d6c6991fdd39d680c920d4853c4, en de alinea staat in dat document op bytes 14125 tot 14533.