Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2001

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0494.

"[Zij] berust[en] op een probleem dat al lang speelt en IRT-achtige problemen (bedoeld zal zijn: proporties, NJ) aanneemt. Daarover wil ik [betrokkene C] vragen stellen. Er is kennelijk een overeenkomst gesloten tussen Nederland en Turkije op het gebied van samenwerking in de opsporing. Deze overeenkomst wil ik zien. Wat is het geval? Het hoofd Veiligheid van het Ministerie van Justitie in Turkije heeft op de Turkse televisie gezegd dat ook in Nederland al heel lang Turkse politiemensen functioneren en dat er een permanente uitlevering van informatie is die de Turken hier droppen ten aanzien van mensen van wie zij vinden dat deze de Turkse regering niet welgezind zijn. Er zijn redenen om aan te nemen dat dit ook juist is. Er is daarnaast een aantal elementen dat daaraan refereert. Eén daarvan is de brief van 20 augustus 1998 van de huidige minister van justitie naar aanleiding van kamervragen in verband met het onlangs uitgegeven boek van Bovenkerk en Yesilg[ö]z. Ik stel u, voorzitter, het antwoord ter hand (bij de stukken gevoegd). Op pag 3 schrijft hij dat Turkije een volwaardig lid is van de internationale gemeenschap, deel uitmaakt van talrijke internationale fora en partij is bij vele internationale verdragen, warbij de beginselen van de rechtsstaat en het respect voor de mensenrechten voorop staan. Dit is evident in strijd met alle rapporten die daarover geproduceerd zijn, ondermeer die van Amnesty International.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c708bd2b7ad664514a2e9c1ff101dba0dee9d6c6991fdd39d680c920d4853c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c708bd2b7ad664514a2e9c1ff101dba0dee9d6c6991fdd39d680c920d4853c4, en de alinea staat in dat document op bytes 16632 tot 18089.