Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001
Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0607.
Nu meen ik dat er ook in de huidige stand van de jurisprudentie niet zoveel bezwaar tegen bestaat in verband met de causaliteit de vraag te stellen welke gevolgen nog voorzienbaar zijn bij het stellen van bepaalde gedragingen, maar dan zal wel ter dege in het oog gehouden moeten worden dat die ‘voorzienbaarheid’ niet beoordeeld moet worden vanuit de positie van de verdachte (met diens ervaring en geestelijke ontwikkeling), maar dat die voorzienbaarheid in hoge mate geobjectiveerd dient te worden, en bovendien uitgebreid moet worden tot alle, objectief denkbare, wijzen waarop het gevolg de nasleep van de gedraging kan zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f57d168942eccd282ce1c3f63574f2c0520f155d950f0e0a128c241dd1a7b02e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f57d168942eccd282ce1c3f63574f2c0520f155d950f0e0a128c241dd1a7b02e, en de alinea staat in dat document op bytes 20799 tot 21446.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f57d168942eccd282ce1c3f63574f2c0520f155d950f0e0a128c241dd1a7b02e | shasum -a 256