Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001

Alinea 10 Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0609.

2. In eerste aanleg zijn de zaken A en B gevoegd. De rechtbank heeft verdachte veroordeeld ter zake van de hem in zaak A onder 1, 2 en 3 en in zaak B onder 1 en 4 tenlastegelegde feiten. Daarnaast is de tenuitvoerlegging gelast van de voorwaardelijk opgelegde straf. De rechtbank heeft in haar vonnis niet uitdrukkelijk bepaald dat zij de in zaak A genoemde feiten als (uitsluitende) grondslag heeft genomen. De rechtbank heeft de vordering toewijsbaar geacht omdat:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ffde08c67f0c52d47d40bf93a688ebab4dac537545654c744c1bfc0ed9ecfa7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ffde08c67f0c52d47d40bf93a688ebab4dac537545654c744c1bfc0ed9ecfa7, en de alinea staat in dat document op bytes 4798 tot 5278.