Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001

Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0609.

8. Bij de wetswijziging van 26 november 1986 is het stelsel van de voorwaardelijke veroordeling op een aantal punten gewijzigd. Ingevolge art. 14g, derde lid, Sr is in geval de algemene voorwaarde niet is nageleefd, tot behandeling van de vordering bevoegd de rechter bij wie de zaak met betrekking tot het nieuwe feit aanhangig wordt gemaakt en kan die vordering slechts bij gelegenheid van een veroordeling ter zake van dat feit worden toegewezen. Op grond van art. 361a Sv maakt de beslissing omtrent de gegrondheid van de vordering deel uit van de in de strafzaak gegeven uitspraak.(1) Daarmee heeft de wetgever een rationalisering van de straftoemeting beoogd.(2)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ffde08c67f0c52d47d40bf93a688ebab4dac537545654c744c1bfc0ed9ecfa7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ffde08c67f0c52d47d40bf93a688ebab4dac537545654c744c1bfc0ed9ecfa7, en de alinea staat in dat document op bytes 8929 tot 9612.