Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2001
Alinea 129 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0630.
8.1. Voorwaarde 20 komt erop neer dat ten aanzien van dochtervennootschappen van A BV waarmee laatstgenoemde reeds een fiscale eenheid vormt een nieuw splitsingstijdstip gaat gelden: voor elke dochtervennootschap afzonderlijk is dat het tijdstip waarin belanghebbende en die dochtervennootschap niet langer voldoen aan de in art. 15, eerste lid, Wet Vpb. 1969 gestelde eisen. Aldus wordt bereikt dat wanneer de fiscale eenheid tussen belanghebbende enerzijds en A BV en haar dochters anderzijds een einde neemt, de laatstbedoelde vennootschappen niet kunnen terugvallen op de fiscale-eenheidvoorwaarden die oorspronkelijk aan hen zijn opgelegd. Willen zij hun fiscale eenheid voortzetten, dan zullen zij nieuwe - wellicht ongunstigere - voorwaarden moeten accepteren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/157b710f052e7341bcd78b25995246466ab8323fc9600bc7675f4242c26dedaa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 157b710f052e7341bcd78b25995246466ab8323fc9600bc7675f4242c26dedaa, en de alinea staat in dat document op bytes 47004 tot 47785.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/157b710f052e7341bcd78b25995246466ab8323fc9600bc7675f4242c26dedaa | shasum -a 256