Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001
Alinea 105 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0700.
3.4 Bij deze stand van zaken zou men zich hebben kunnen indenken dat rechtsvergelijkende gegevens (met name op het stuk van rechtspraak en eventuele uit documenten blijkende handelsgebruiken of -inzichten in de bekende financiële centra) waren aangedragen.(4) Partijen hebben dat kennelijk niet nodig of nuttig gevonden. Gezien de grote financiële belangen zal dat, naar ik vermoed, geen kwestie van kosten zijn geweest. Veeleer lijkt aannemelijk dat zij geen behoefte hebben gehad om zich principieel op deze of gene opvatting vast te leggen. De reden daarvan is, denk ik, dat zij de consequenties daarvan voor andere zaken niet ten volle kunnen overzien; het is allerminst denkbeeldig dat in het bijzonder de banken (en daarmee de facto gelieerde partijen) tegengestelde belangen hebben in afzonderlijke zaken.(5)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10d426468016d984b1913333c129dd1250fce8d02e8193ea8318ff9f05fb8e03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10d426468016d984b1913333c129dd1250fce8d02e8193ea8318ff9f05fb8e03, en de alinea staat in dat document op bytes 33742 tot 34573.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/10d426468016d984b1913333c129dd1250fce8d02e8193ea8318ff9f05fb8e03 | shasum -a 256