Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001

Alinea 256 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0700.

5.46 In de bestreden rechtsoverwegingen oordeelt het Hof - kort gezegd - dat de verplichting tot zekerheidstelling volgt uit de doelstelling van Ofasec en (de considerans van) de DSA. Ofasec is volgens het Hof opgericht om zekerheden te verkrijgen van de leden van de DAF-groep ten behoeve van bepaalde crediteuren van die groep. De DAF-groep wilde daarbij voorkomen dat enig lid van de DAF-groep ten opzichte van een "OFA-Grantor" een "Negative or Positive Pledge Undertaking" zou schenden. NTM behoorde "namens de obligatiehouders" tot de OFA-Grantors en het pari passu-recht was te beschouwen als een Negative or Positive Pledge Undertaking, aldus het Hof. Het Hof concludeert vervolgens dat ieder lid van de DAF-groep aldus de verplichting op zich heeft genomen om zekerheden te verschaffen voorzover enige Negative or Positive Pledge Undertaking enig ander lid van de groep daartoe verplichtte (rov. 5.34).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10d426468016d984b1913333c129dd1250fce8d02e8193ea8318ff9f05fb8e03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10d426468016d984b1913333c129dd1250fce8d02e8193ea8318ff9f05fb8e03, en de alinea staat in dat document op bytes 99269 tot 100195.