Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001

Alinea 334 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0700.

6.31 Zou wél inhoudelijk op de klacht worden ingegaan, dan zou dat Ofasec niet kunnen baten. Het onderdeel neemt tot uitgangspunt dat het Hof in rov. 5.40 en 5.44 heeft aangenomen dat de door de DAF-dochters verstrekte zekerheden goederenrechtelijk wel aan Ofasec toebehoorden, maar dat Ofasec deze zekerheden rechtstreeks - en dus niet op grond van de borgtochtovereenkomsten - aanhield voor het verhaal van de obligatiehouders op DAF N.V. Een dergelijke zienswijze is volgens het onderdeel in strijd met het Nederlandse zekerhedenrecht, volgens welk recht het niet mogelijk is dat een debiteur zekerheden overdraagt aan een derde, niet zijnde de crediteur. Zekerheden zijn immers, aldus het onderdeel, afhankelijke rechten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10d426468016d984b1913333c129dd1250fce8d02e8193ea8318ff9f05fb8e03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10d426468016d984b1913333c129dd1250fce8d02e8193ea8318ff9f05fb8e03, en de alinea staat in dat document op bytes 129518 tot 130257.