Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0801.
2.5. Een huiszoeking ter inbeslagneming - de huidige wetsterm is: doorzoeking - omvat het stelselmatig en gericht onderzoeken van een ruimte op de aanwezigheid van voor inbeslagneming vatbare voorwerpen(11). Het binnentreden en het zoeken naar in beslag te nemen voorwerpen kunnen een inbreuk op de privacy vormen, maar de wetgever vergt van een ieder bij wie huiszoeking wordt gedaan, dit nadeel te dulden. In dit opzicht is het dulden van een huiszoeking te vergelijken met het dulden van controlemaatregelen op wettelijke grondslag. Zo hebben bijv. - om in de sfeer van politioneel optreden te blijven - bepaalde ambtenaren de bevoegdheid bestuurders van motorrijtuigen een ademtest af te nemen of voertuigen voor technisch onderzoek naar een nabijgelegen plaats te voeren (art. 160 WVW), of de bevoegdheid om de lading te onderzoeken, daarvan monsters te nemen en daartoe verpakkingen te openen (art. 21-23 WED; vgl. art. 5:18 Awb). De rechtmatige uitoefening van zulke controlebevoegdheden brengt enig oponthoud of ongemak met zich mee en/of een relatief te verwaarlozen inbreuk op een subjectief recht (in deze voorbeelden: de loonkosten van de opgehouden chauffeur, de schade aan de verpakking, het verlies van het genomen monster of de verbruikte benzine bij de test van de bromfiets op de rollentestbank). Voor zover men dit al schade wil noemen, gaat het in het algemeen om schade die naar verkeersopvattingen voor rekening van de betrokkene behoort te blijven: het dulden van zulk onderzoek hoort er nu eenmaal bij. Voor schadevergoeding is in zulke gevallen geen plaats, tenzij er sprake zou zijn van schade ten gevolge van een schending van een algemeen beginsel van behoorlijk bestuur, welke schending het handelen van de ambtenaar onrechtmatig maakt, zoals bij misbruik van bevoegdheid het geval kan zijn. In dit opzicht maakt het geen verschil, of de onderzoeksbevoegdheid - in dit geval: de bevoegdheid tot het doen van huiszoeking - wordt uitgeoefend jegens een verdachte of jegens een niet-verdachte.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1eb65cc3f044469f66d22e55e0597fb16b156b2c3aa49c917802a63bec7f2c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1eb65cc3f044469f66d22e55e0597fb16b156b2c3aa49c917802a63bec7f2c8, en de alinea staat in dat document op bytes 16386 tot 18418.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e1eb65cc3f044469f66d22e55e0597fb16b156b2c3aa49c917802a63bec7f2c8 | shasum -a 256