Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0801.
2.20. Onderdeel 2 is vooral gericht tegen rov. 5.4. In subonderdeel 2a klaagt de Staat onder (i), dat de door het hof genoemde omstandigheid dat [verweerster] niet verdacht werd en dat niet is gebleken dat [verweerster] er rekening mee behoorde te houden dat de verdachte betrokken was bij strafbare feiten in verband met verdovende middelen en mogelijk de aan haar verhuurde stallen gebruikte om die verdovende middelen te verbergen, nog niet meebrengt dat hier sprake is van een onevenredig nadeel, ongeacht of dit nu wél of niet tot het normale maatschappelijk risico behoort. Onder (ii) klaagt de Staat dat, zelfs al zou er sprake zijn van onevenredig nadeel of van nadeel dat niet tot het normale maatschappelijk risico van [verweerster] behoort, zulks nog niet meebrengt dat de Staat tot schadevergoeding verplicht is. Subsidiair verbindt de Staat hieraan een motiveringsklacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1eb65cc3f044469f66d22e55e0597fb16b156b2c3aa49c917802a63bec7f2c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1eb65cc3f044469f66d22e55e0597fb16b156b2c3aa49c917802a63bec7f2c8, en de alinea staat in dat document op bytes 38128 tot 39026.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e1eb65cc3f044469f66d22e55e0597fb16b156b2c3aa49c917802a63bec7f2c8 | shasum -a 256