Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0803.
Het Hof heeft vervolgens de grieven van de Gemeente besproken. Met betrekking tot de verjaring overwoog het Hof met de Rechtbank van oordeel te zijn dat in de verhouding tussen partijen de vordering uit onverschuldigde betaling niet opvorderbaar was vóór de uitspraak van de Afdeling Rechtspraak van de Raad van State d.d. 9 februari 1990 aangezien voordien nog niet was uitgemaakt, door enigerlei rechterlijke of anderszins gezaghebbende uitspraak, of de Woningstichting een beroep kon doen op de "ontbindende voorwaarde", terwijl het nu juist de kennelijke bedoeling van partijen is geweest om het punt van de koppeling van de garantieverlening en de aflossing "niet administratiefrechtelijk uit te vechten, maar voor de toekomst te reserveren". Het Hof overwoog voorts dat de Gemeente geen beroep kan doen op de formele rechtskracht ter afwering van de aanspraken van de Woningstichting omdat in dat op zichzelf rechtsgeldige besluit de aflossingsverplichting afhankelijk wordt gesteld van een op dat moment voor partijen nog onzekere uitspraak of het opleggen van die verplichting in overeenstemming is met "de rijksregels". Het verweer van de Gemeente gaat op dit punt dan ook langs het eigenlijke geschil heen, aldus het Hof. Vervolgens onderschreef het Hof het oordeel van de Rechtbank dat de toepasselijke bepalingen geen ruimte boden voor een door het eigen belang van de Gemeente ingegeven voorwaarde als de onderhavige aflossingsvoorwaarde, zodat moet worden geconstateerd dat de aflossingsvoorwaarde zich niet verdroeg met de rijksregels. Zonder in te gaan op de grief dat de vervroegde aflossing niet als onverschuldigde betaling kon gelden omdat voor die aflossing de rechtsgrond lag in de overeenkomsten van geldleen, concludeerde het Hof dat het hoger beroep niet kon slagen en dat het tussenvonnis waarvan beroep moest worden bekrachtigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/126afb9ca3f758b4d61b36abe03ddebcd9ca22cb09c1af46181b2b8e6f8a2f61. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 126afb9ca3f758b4d61b36abe03ddebcd9ca22cb09c1af46181b2b8e6f8a2f61, en de alinea staat in dat document op bytes 16794 tot 18664.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/126afb9ca3f758b4d61b36abe03ddebcd9ca22cb09c1af46181b2b8e6f8a2f61 | shasum -a 256