Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Alinea 53 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0803.
16. De leer van de formele rechtskracht staat - een daarop te aanvaarden uitzondering daargelaten - evenwel niet in de weg aan een vordering uit onrechtmatige daad die daarop is gebaseerd dat het optreden van de gemeente in zijn geheel genomen - los van de bestuursrechtelijke merites - gegeven de omstandigheden van het geval en mede gegeven hetgeen zich in de "onderhandelingsfase" heeft afgespeeld in strijd is met de beginselen van behoorlijk bestuur, al is het door de gemeente genomen besluit geldig. (Ik volsta hier met een verwijzing naar Uw arrest van 7 oktober 1994, NJ 1997, 174, m.nt. MS.) Het antwoord op de vraag of de formele rechtskracht in de weg staat aan de vordering van de Woningstichting uit onrechtmatige daad, hangt daarmee af van de feitelijke grondslag van deze vordering. Het is naar mijn oordeel dan ook aan de verwijzingsrechter om te beoordelen of de subsidiaire vordering van de Woningstichting tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad, een vordering die in de feitelijke instanties niet aan de orde is gekomen, kans van slagen heeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/126afb9ca3f758b4d61b36abe03ddebcd9ca22cb09c1af46181b2b8e6f8a2f61. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 126afb9ca3f758b4d61b36abe03ddebcd9ca22cb09c1af46181b2b8e6f8a2f61, en de alinea staat in dat document op bytes 36592 tot 37676.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/126afb9ca3f758b4d61b36abe03ddebcd9ca22cb09c1af46181b2b8e6f8a2f61 | shasum -a 256