Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0804.

2.5 Dit alles neemt niet weg dat bij de beoordeling van de vraag of de door [eiser] opgenomen gelden (uitsluitend) ten goede van SUSH zijn gekomen mede gewicht toekomt aan de omstandigheid dat partijen tot elkaar stonden in de verhouding werkgever - werknemer. De in die verhouding te hanteren maatstaf is: bestaat de reële mogelijkheid dat de gelden ten goede van SUSH hebben gestrekt. Als die mogelijkheid reëel is, acht de rechtbank dat voldoende om aan te nemen dat die gelden daadwerkelijk aan SUSH ten goede zijn gekomen. Dit betekent dat de rechtbank eerder zal aannemen dat het geld aan SUSH ten goede is gekomen dan het geval geweest zou zijn als partijen niet tot elkaar gestaan zouden hebben in de verhouding werkgever - werknemer."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff6a1491c48233735f413caabfddf872167e8648f374c28fda5a7837d69205c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff6a1491c48233735f413caabfddf872167e8648f374c28fda5a7837d69205c9, en de alinea staat in dat document op bytes 16064 tot 16822.