Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0804.
11) De gegrondheid van de onderdelen 2 en 4 heeft consequenties voor het vonnis van 30 juli 1999 (vanaf r.o. 2.11) en het vonnis van 13 januari 1999 (met name r.o. 3.1-10.2 en het dictum). De schade in verband met de niet verantwoorde kasopnames zal opnieuw moeten worden vastgesteld, ervan uitgaande dat terzake op SUSH de bewijslast rust.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff6a1491c48233735f413caabfddf872167e8648f374c28fda5a7837d69205c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff6a1491c48233735f413caabfddf872167e8648f374c28fda5a7837d69205c9, en de alinea staat in dat document op bytes 34744 tot 35097.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ff6a1491c48233735f413caabfddf872167e8648f374c28fda5a7837d69205c9 | shasum -a 256