Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0813.
2.18 Zoals hiervoor is aangegeven, regelt het Besluit OMV met zoveel woorden het geval dat een bij aangetekende brief verzonden oproeping retour komt terwijl het adres juist is. Een iets andere invalshoek is gekozen in de "Aanbevelingen voor procedures ex art. 7A:1639w", die de Kring van Kantonrechters op 8 november 1996 heeft vastgesteld in het streven naar meer rechtseenheid op het terrein van de ontbindingsrechtspraak(22). Aanbeveling 1.2 schrijft voor dat indien de verwerende partij zonder bericht niet ter zitting verschijnt, de verzoekende partij een recent uittreksel uit het bevolkingsregister zal moeten produceren. Hierna zal op het daarin vermelde adres een nieuwe oproeping moeten volgen (zo nodig bij exploot), tenzij uit een ontvangstbevestiging of anderszins voldoende is komen vast te staan dat de oproep de verweerder heeft bereikt. Volgens de toelichting is een herhaalde oproeping slechts wenselijk indien de verwerende partij niet is verschenen en niet met volledige zekerheid (door enig bericht van ontvangst) kan worden vastgesteld dat de verwerende partij de oproeping ontvangen heeft. In een dergelijk geval dient de verwerende partij ofwel per aangetekende post ofwel per deurwaardersexploot te worden opgeroepen voor een nieuwe zittingsdatum.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bd5683955e41b819a1243472b9651a7b64ab3d121a9a14e571fa280318a09f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bd5683955e41b819a1243472b9651a7b64ab3d121a9a14e571fa280318a09f8, en de alinea staat in dat document op bytes 19016 tot 20302.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0bd5683955e41b819a1243472b9651a7b64ab3d121a9a14e571fa280318a09f8 | shasum -a 256