Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001

Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0990.

6.7. En dat is precies het probleem: het Nederlandse stelsel is intern inconsistent. Nederland neemt immers als moederland een standpunt in (13lid1-kosten horen thuis in de jurisdictie waar de winst van de dochter belast wordt, althans niet in Nederland, waar de dochterwinst is vrijgesteld) dat tegengesteld is aan het standpunt dat Nederland als dochterland inneemt (de kosten die de buitenlandse moeder maakt voor haar in Nederland winst makende dochter horen niet in Nederland thuis). De vraag is of dit in het oog springende gebrek aan interne neutraliteit (interne asymmetrie) ertoe leidt dat de rechtvaardiging die Nederland als moederland op zichzelf heeft voor aftrekweigering (fiscale coherentie; territorialiteitsbeginsel; zie hieronder, 7), niet meer ingeroepen kan worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7163f2cdc9da8a7edcaf878f099e792124183a811b5ecadb9d68e1cb6c44a8ee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7163f2cdc9da8a7edcaf878f099e792124183a811b5ecadb9d68e1cb6c44a8ee, en de alinea staat in dat document op bytes 37148 tot 37946.