Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001
Alinea 80 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB0990.
b) het gaat niet om de personele toerekening van de deelnemingskosten, maar om de territoriale toerekening: binnen welke belastingjurisdictie horen zij thuis? Of men ze nu toerekent aan moeder of dochter, ook bij dochter zouden ze - al dan niet via het mechanisme ter voorkoming van internationale dubbele belasting - niet aftrekbaar zijn voor zover ze dienen tot verwerving van niet in Nederland belastbare winst. Toerekening aan moeder kan weliswaar onder omstandigheden verschillen opleveren met toerekening aan dochter (bijvoorbeeld indien dochter in een verliespositie verkeert en fiscaal niet geconsolideerd is met moeder), maar in het algemeen zal het niet uitmaken of in binnenlandse 100%-deelnemingsverhoudingen de kosten bij moeder of bij dochter in aftrek toegelaten worden, zodat men om doelmatigheidsredenen de kosten bij de rechtspersoon kan laten die juridisch de draagplichtige is: de moeder.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7163f2cdc9da8a7edcaf878f099e792124183a811b5ecadb9d68e1cb6c44a8ee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7163f2cdc9da8a7edcaf878f099e792124183a811b5ecadb9d68e1cb6c44a8ee, en de alinea staat in dat document op bytes 51659 tot 52581.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7163f2cdc9da8a7edcaf878f099e792124183a811b5ecadb9d68e1cb6c44a8ee | shasum -a 256