Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1005.

2.1. In cassatie moet mijns inziens ervan worden uitgegaan dat de Inspecteur, toen hij de primitieve aanslag vaststelde, geen reden had om aan te nemen dat de door belanghebbende ingediende aangifte niet aan de wettelijke vereisten voldeed. Het tegendeel is voor het Hof niet gesteld, noch is het anderszins gebleken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f4528dfa15b062e439d496aaf78b02e81a713b4a4f9930595d1c7b0feafc4ad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f4528dfa15b062e439d496aaf78b02e81a713b4a4f9930595d1c7b0feafc4ad, en de alinea staat in dat document op bytes 9980 tot 10310.