Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 april 2001

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 13 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1064.

Het middel wijst er nog op dat ook de raadsman van Omya ter gelegenheid van het pleidooi in eerste aanleg de (beoogde) overeenkomst als een gemengde overeenkomst dan wel een overeenkomst sui generis heeft getypeerd. Dit feit is echter niet doorslaggevend. Van belang is slechts hoe ZHD de grondslag van haar vordering in de inleidende dagvaarding heeft vormgegeven. Het verweer van gedaagde noch het uiteindelijke oordeel over de tussen partijen geldende rechtsverhouding doet terzake bij de vraag welke rechter bevoegd is (zie HR 8 juli 1993, NJ 1993, 689).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2e39cdcc7c5e2c30099b14152af1f413ac65afb5ac60d82b22b6bc92fd18986. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2e39cdcc7c5e2c30099b14152af1f413ac65afb5ac60d82b22b6bc92fd18986, en de alinea staat in dat document op bytes 19443 tot 20014.