Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 april 2001

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 20 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1208.

Dat neemt uiteraard niet weg dat de rechter de subjectieve bekendheid in sommige gevallen (wanneer de schuldeiser zijn wetenschap betwist) zal kunnen en moeten afleiden uit externe omstandigheden. Wetenschap speelt zich in het hoofd van het betrokken rechtssubject af en is daardoor uit de aard der zaak verborgen. Het criterium mag natuurlijk niet zo streng subjectief worden opgevat dat degene die zich op verjaring beroept, tegenover degene die zijn wetenschap van schade of tekortkoming betwist, die wetenschap nooit zal kunnen bewijzen. Enige objectivering is onvermijdelijk, hetgeen ook 's hofs formulering in de onderhavige zaak verklaart (zie hierboven, punt 7). Die gaat naar mijn mening echter niet zo ver dat de korte verjaringstermijn ook al gaat lopen als de schuldeiser met zijn vordering bekend had kunnen of moeten zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25da41da81ebfcb16955c4ae64f0264cd3002e38f3f4072a3dac0fe90b95ef3c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25da41da81ebfcb16955c4ae64f0264cd3002e38f3f4072a3dac0fe90b95ef3c, en de alinea staat in dat document op bytes 15571 tot 16421.