Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 april 2001

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 17 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1272.

5.6. Nu het hof heeft vastgesteld dat de briefjes niet zijn aangetroffen in patiëntendossiers of anderszins op plaatsen waar een arts gegevens die hem zijn toevertrouwd pleegt te bewaren lijkt mij aan de eisen van het tweede lid van art.98 Sv te zijn voldaan.(11) Als de briefjes "voor het grijpen" werden aangetroffen vallen zij niet eens onder het regiem van art.98 lid 2 Sv, dat immers bedoeld is voor de doorzoeking. Als in redelijkheid er geen twijfel aan kon bestaan dat die briefjes niet onder het verschoningsrecht zouden vallen mochten zij dus zonder meer in beslag worden genomen, zowel als zij zijn gevonden bij de doorzoeking nu deze, afgaande op de vaststellingen van het hof, de eisen van art.98 lid 2 Sv respecteerde, als wanneer zij reeds bij een oppervlakkig onderzoek zijn gevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bfd70e43bb89f355842def784977dad48e1766e18560fdb66e9a5d529e3e5ad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bfd70e43bb89f355842def784977dad48e1766e18560fdb66e9a5d529e3e5ad, en de alinea staat in dat document op bytes 22274 tot 23088.