Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1336.

2.9 Bij arrest van 25 september 1991, BNB 1992/162 m.nt. Scheltens onder BNB 1992/163 heeft Uw Raad geoordeeld dat, wanneer een ontvanger, in verband met een in artikel 32a lid 1 van de Wet op de Loonbelasting 1964(6), bedoelde mededeling van het lichaam nadere inlichtingen en het overleggen van stukken verlangt, hij, gelet op de verstrekkende gevolgen die de wet verbindt aan het niet voldoen aan dat verlangen, daarom niet vraagt zonder daarbij erop te wijzen dat hij die inlichtingen en stukken behoeft in verband met de regeling neergelegd in artikel 32a en wat die regeling inhoudt, tenzij het lichaam redelijkerwijs moest veronderstellen dat de inlichtingen werden gevraagd op de voet van voormeld artikel. Volgens annotator Scheltens gaat genoemde eis duidelijk uit van de gedachte dat het in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur zou zijn een bestuurder met een aansprakelijkstelling te overvallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4b39db96b25aa777dacab13631524a875cd3ad83206c3fc30b1e79386c99db9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4b39db96b25aa777dacab13631524a875cd3ad83206c3fc30b1e79386c99db9f, en de alinea staat in dat document op bytes 14720 tot 15652.