Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001
Alinea 108 Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1347.
3.24 De geëerde steller van de s.t. voor [verweerster] heeft er met juistheid op gewezen dat [eiseres] in feitelijke aanleg niet heeft aangevoerd dat het ontslag op staande voet voor haar - kort gezegd - disproportionele gevolgen zou hebben. Hij schrijft dat toe aan begrijpelijke procestactische overwegingen; men kan immers bezwaarlijk ontkennen zich aan verduistering te hebben schuldig gemaakt en te zelfder tijd betogen dat een ontslag ter zake daarvan te ernstig is (onder 9).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd, en de alinea staat in dat document op bytes 46578 tot 47074.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd | shasum -a 256