Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001

Alinea 140 Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1347.

3.44 Waarom zulks anders zou zijn voor [eiseres] valt niet goed in te zien. Zij heeft dat wel betoogd, maar zij blijft daarbij steken in het poneren van de stelling. Nu deze stelling in mijn ogen overtuigende kracht ontbeert, zou ik mij daartoe niet willen bekeren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd, en de alinea staat in dat document op bytes 57577 tot 57856.