Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001
Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1347.
3.7 Onderdeel 1 acht ik daarom, voorzover het hierover klaagt, gegrond. De vraag of de litigieuze verduistering een dringende reden opleverde, komt aan de orde bij de behandeling van onderdeel 4.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd, en de alinea staat in dat document op bytes 37263 tot 37471.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd | shasum -a 256