Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001

Alinea 95 Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 april 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1347.

3.15 Niet valt uit te sluiten dat een aanzienlijk tijdsverloop, waardoor de werknemer in bewijsproblemen geraakt, een rol zou kunnen spelen. In beginsel zou ik menen dat de consequentie daarvan niet - zoals het onderdeel propageert - is aan te nemen dat het ontslag niet onverwijld is gegeven (en daarmee onmogelijk is geworden). Veeleer zal dan aanleiding kunnen bestaan om (bijzonder) hoge eisen te stellen aan de bewijslevering door de werkgever of de werknemer op bewijsrechtelijk vlak anderszins de helpende hand toe te steken.(17)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda7afd9602507084491220ea6038f375fb8dd1bc259d09be53a435c6dc14dd, en de alinea staat in dat document op bytes 42021 tot 42570.