Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2001

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1429.

Voorts stelde de ontvanger dat de melding, op 17 mei 1991, niet tijdig was gedaan, zodat [eiser] o.g.v. het wettelijk vermoeden van art. 36, lid 4, Iw. 1990, aansprakelijk was voor de naheffingsaanslag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf6fd2214142957f9c888684f3f3a2bdb96db5b9627e1fa41e4cb06e0e17f0e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf6fd2214142957f9c888684f3f3a2bdb96db5b9627e1fa41e4cb06e0e17f0e8, en de alinea staat in dat document op bytes 8128 tot 8343.