Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 2001

Alinea 335 Parket bij de Hoge Raad 18 september 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1471.

16 B.V.A. Röling, in zijn noot onder B.R.C. 12 januari 1949, NJ 1949, 87, inzake Rauter, wijst erop dat twee regels in het spel zijn: de eis van recht dat niemand gestraft worde voor iets dat niet als strafwaardig werd beschouwd tijdens het plegen, en de eis van een bepaalde liberale politiek dat niet gestraft mag worden als de wet niet vooraf die strafbaarheid heeft uitgestippeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9e040e69f24f8fa5259e04ed6de509b017249a07de118addf56bc1eeabed3915. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9e040e69f24f8fa5259e04ed6de509b017249a07de118addf56bc1eeabed3915, en de alinea staat in dat document op bytes 128510 tot 128908.