Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2001
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1694.
(d) Waar vaststaat dat de erven [A], op één van hen na, ten tijde van het geding in eerste aanleg woonachtig waren in staten die partij zijn bij het Haags Betekeningsverdrag van 15 november 1965, Trb. 1966, 91, en uit de bestreden beschikking niet blijkt dat de Kantonrechter zich ervan heeft vergewist dat de bepalingen van dit Verdrag, meer bepaald art. 15, zijn nageleefd, is de beschikking met verzuim van essentiële vormen gegeven. De eerste twee grieven van de erven [A] zijn derhalve gegrond (r.o. 5.2.5 t/m 5.2.7).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e63b448d54ce781d3dfb9fe33ebce00ecf32af232442acaf5dfd681c4a7ebc42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e63b448d54ce781d3dfb9fe33ebce00ecf32af232442acaf5dfd681c4a7ebc42, en de alinea staat in dat document op bytes 10721 tot 11260.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e63b448d54ce781d3dfb9fe33ebce00ecf32af232442acaf5dfd681c4a7ebc42 | shasum -a 256