Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2001
Alinea 96 Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1844.
7.3.4. Tegen die mogelijkheid zou kunnen worden aangevoerd dat ten aanzien van een beslissing op een wrakingsverzoek volgens art. 5e, lid 5 WARB geen rechtsmiddel openstond. In die zin ook de daarmee overeenkomende bepalingen art. 8: 18, lid 5 Awb, art. 32, lid 5 Rv en 515, lid 5 Sv. HR 7 juni 1995 (belastingkamer), BNB 1999/188 verklaarde dan ook een beroep tegen een dergelijke beslissing niet-ontvankelijk. HR 22 januari 1999 (civiele kamer), NJ 1999,243 maakte al een uitzondering voor het geval bij de behandeling van dat verzoek essentiële normen waren verwaarloosd. HR 31 oktober 2000 (strafkamer) nr. 342/00 LR/SM na conclusie van A-G Machielse (nog niet gepubliceerd) ging nog een stap verder, overwegend
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/129cc017257172acc924db404d64d13c5467fe46e89671ada01ee71cc974ea10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 129cc017257172acc924db404d64d13c5467fe46e89671ada01ee71cc974ea10, en de alinea staat in dat document op bytes 30691 tot 31421.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/129cc017257172acc924db404d64d13c5467fe46e89671ada01ee71cc974ea10 | shasum -a 256