Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001
Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1944.
Het toezicht zoals dat in de Beurswet was geregeld, had enkel nog betrekking op alle “Nederlandsche beurzen van koophandel.” Met de totstandkoming van de Wet effectenhandel werd ook de handel buíten de beurs gereglementeerd. Daarmee werd beoogd een einde te maken aan het aanbieden van effecten bij uitgifte en de handel daarin door niet bij een beurs aangesloten, niet aan regels gebonden bemiddelaars, waar het publiek in toenemende mate het slachtoffer van werd. Voor het aanbieden van bemiddeling bij de totstandkoming van effectentransacties buiten een besloten kring was voortaan een vergunning vereist. Die vergunning werd afgegeven indien de bemiddelaar voldeed aan regels ten aanzien van onder meer betrouwbaarheid, deskundigheid, financiële waarborgen, bedrijfsvoering en informatievoorziening én er waarborgen bestonden om toezicht door derden te laten uitoefenen. In de Wte is dit vergunningenstelsel gehandhaafd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e, en de alinea staat in dat document op bytes 13968 tot 14914.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e | shasum -a 256